Hi Flanders Hasselt

“Alle kleine dingen samen maken heel veel verschil.“
“Wij proberen niet alleen duurzame acties te ondernemen, maar ook om te communiceren wat wij doen om mensen te sensibiliseren.“
“Elke hostel heeft zijn eigen identiteit.” “Bij ons komen zowel gepensioneerde, wielertoeristen, scholen … Maar ook jongeren die voor de eerste keer alleen met de fiets van Hasselt bijvoorbeeld naar ergens anders fietsen … Eigenlijk slagen we erin om iedereen bij ons te herbergen.“
Kunt u kort iets vertellen over uzelf en uw achtergrond?
Ik ben Bram Rouges en werk sinds 2007 bij Hi Flanders. Sinds 2018 ben ik projectmanager en duurzaamheidscoördinator. Daarvoor was ik acht jaar hostelmanager in Gent en twee jaar in Kortrijk.
Hoe bent u in het logiesverhaal terechtgekomen?
Ik ben maatschappelijk assistent van opleiding, maar tijdens mijn stage bij een buitensportorganisatie in de Ardennen, Tsjechië en Italië ontdekte ik mijn passie voor het werken met jongeren in combinatie met overnachtingen. De time-outprojecten focusten op zelfvertrouwen via natuurervaringen en vaardigheden. Hoewel dit niet rechtstreeks met logies te maken had, merkte ik dat het totaalpakket van gastvrijheid, begeleiding en het 24/7 werken met mensen mij sterk aansprak. Daardoor besloot ik mijn carrière verder in de logies- en toeristische sector uit te bouwen.
Hoe zou u uw logies omschrijven?
Ik omschrijf het logies als zeer divers. Hi Flanders heeft 19 vestigingen, waarvan 16 eigen hostels verspreid over heel Vlaanderen: aan de kust, in grote steden zoals Brussel, Antwerpen, Gent en Brugge, in kleinere steden zoals Leuven, Kortrijk en Hasselt, én op het platteland.
De diversiteit zit ook in de grootte van de hostels: grote stadshostels hebben veel bedden en grotere teams, terwijl plattelandshostels vaak heel klein en familiaal zijn. Soms met één uitbater, diens familie en slechts een paar extra krachten voor huishoudelijke taken. Daardoor is het moeilijk om alle hostels onder één noemer te plaatsen.
Wat maakt uw logies uniek ten opzichte van anderen?
Hi Flanders is moeilijk in één woord te vatten, “Elke hostel heeft zijn eigen identiteit.” Geen standaardisatie zoals bij grote ketens: elke locatie voelt anders aan, met een losse sfeer, aanspreekbare medewerkers en een sterke focus op gastvrijheid. Ook de doelgroep is breed: “Bij ons komen gepensioneerden, wielertoeristen, scholen … Maar ook jongeren die voor het eerst alleen met de fiets van Hasselt naar ergens anders rijden … Eigenlijk slagen we erin om iedereen bij ons te herbergen.”
Wat is de missie van uw logies?
De missie van Hi Flanders is jongeren op een betaalbare manier Vlaanderen laten ontdekken. De hostels zijn toegankelijk voor iedereen, ongeacht afkomst, religie, etniciteit of geslacht. Duurzaamheid vormt een belangrijk deel van die missie, zodat toekomstige generaties kunnen blijven reizen en van een gezonde planeet genieten.
Waarom doet u wat u doet — wat motiveert u om logies uit te baten?
Ik begon als hostelmanager en genoot vooral van het directe contact met gasten uit allerlei landen en achtergronden die op reis of uitstap waren. Die persoonlijke interactie en de losse, plezierige sfeer spraken mij sterk aan. Sinds 2018 werk ik niet meer operationeel, maar haal ik veel voldoening uit het opleiden en ondersteunen van medewerkers. Duurzaamheid ligt me bovendien nauw aan het hart, zowel professioneel als privé, en ik wil actief bijdragen aan een betere toekomst.
Wat was voor u de reden om in het Tetra Dol-project te stappen?
Ik neem deel aan het TETRA DOL-project omdat ik bezorgd ben om de planeet en de opwarming van de aarde wil tegengaan, ook als privépersoon. Professioneel wil ik met mijn rol als duurzaamheidscoördinator meer impact hebben dan alleen individueel mogelijk is. Ik geloof dat elk individu een verschil kan maken, maar dat een organisatie als Hi Flanders nog meer verschil kan maken, doordat we jaarlijks duizenden gasten bereiken. “Wij proberen niet alleen duurzame acties te ondernemen, maar ook om te communiceren wat wij doen om mensen te sensibiliseren.”
Welke verwachtingen had u vooraf, en zijn die ingelost?
Vooraf had ik weinig concrete verwachtingen, maar was vooral nieuwsgierig naar wat het TETRA DOL-project zou opleveren. Ik wilde vooral ervaring en kennis uitwisselen met andere logiesorganisaties rond duurzaamheid. Het was fijn te merken dat we niet alleen staan en ondanks verschillen toch veel gemeen hebben. Ook het horen van professionals leverde waardevolle inzichten en inspiratie op.
Wat hebt u concreet geleerd of veranderd dankzij dit project?
Dankzij het TETRA DOL-project leerde ik bij Hi Flanders een tool kennen om duurzaamheid te meten, vergelijkbaar met een CO₂-voetafdruk maar veel breder, omdat ook sociale aspecten en het welzijn van medewerkers worden meegenomen. Studenten van PXL droegen bovendien concrete ideeën aan, zoals nestkastjes voor vogels in stadshostels, intussen met succes uitgevoerd. Dat zie ik als een mooi resultaat, en ik hoop dat er tegen het einde van het jaar nog meer ideeën en ondersteuning uit voortkomen.
Kunt u één of twee voorbeelden geven van duurzame acties die u hebt ingevoerd?
Bij Hi Flanders ondernemen we diverse milieuvriendelijke acties: haalbaarheidsstudies, zonnepanelen waar mogelijk, gebruik van regenwater voor toiletten en onderzoek naar grijswatertoepassing. We sensibiliseren jongeren over recyclage en duurzame keuzes, benutten bij bouw en renovatie maximaal natuurlijk licht en passen LED-verlichting en bewegingssensoren toe om energie te besparen.
Daarnaast zetten we ons maatschappelijk in: we bieden voordelige verblijven aan via “Iedereen verdient vakantie”, werken samen met werkgestraften en ondersteunen opleidingstrajecten voor langdurig werklozen, zodat zij ervaring opdoen en kansen op de arbeidsmarkt krijgen.
Wat waren de grootste uitdagingen of valkuilen onderweg, en hoe hebt u die aangepakt?
De grootste uitdagingen liggen voor mij vooral bij financiën en beperkte expertise. Het is onzeker welke duurzame technieken het meest effectief en rendabel zijn, omdat wetenschap en praktijk nog geen eenduidige antwoorden bieden. Projecten zoals TETRA DOL helpen kennis op te doen, maar tonen vooral dat er in de sector nog veel te leren valt over praktische en rendabele duurzaamheidsmaatregelen.
Heeft deze ervaring uw kijk op duurzaamheid veranderd? Hoe precies?
Het project heeft mijn kijk op duurzaamheid niet fundamenteel veranderd, maar ik waardeer dat veel organisaties, van klein tot groot, actief met duurzaamheid bezig zijn. Het bewustzijn groeit langzaam, ook bij jongeren via opleidingen, en ik hoop dat dit in de toekomst sneller zal toenemen.
Welke effecten merkt u op uw onderneming, gasten of omgeving?
Het is nog te vroeg om veranderingen in het duurzaamheidsbewustzijn van onze gasten te meten, omdat we hierover nog geen vragen in onze enquêtes opnemen; dit staat gepland voor januari 2026. Wel merk ik dat recycleren beter ingeburgerd raakt en gasten vaker afvalsorteringspunten gebruiken. Sommige gewoonten, zoals verwarming hoog zetten en ramen open, blijven echter bestaan. Het bewustzijn is aanwezig, maar vaak onbewust en nog niet voldoende. Er is dus nog veel groeimarge, en betere communicatie kan helpen gasten meer bij duurzaam gedrag te betrekken.
Zijn er dingen die u nu anders zou aanpakken met de kennis van vandaag?
Met de kennis van vandaag zou ik bij eerdere verbouwingen meer rekening hebben gehouden met duurzaamheidsmaatregelen, zoals hergebruik van grijswater en het scheiden van waterstromen. Ook had ik bij de hernoeming naar Hi Flanders een duurzame connotatie in de naam willen verwerken en bij het aannemen van nieuwe medewerkers duurzaamheid sterker als criterium meegenomen.
Wat zijn uw volgende stappen op vlak van duurzaam ondernemen?
De volgende stappen op het gebied van duurzaamheid zijn voor mij: het bevragen van gasten om hun ervaring en waardering te peilen; duurzame ontwikkeling van gebouwen, zoals bij de verbouwing van het hostel in Brugge, zodat ze vanaf het begin milieuvriendelijk functioneren; en de opleiding en begeleiding van medewerkers, met aandacht voor voedselverspilling, vegetarische/veganistische maaltijden, diversiteit en ecologisch transport.
Waarom zouden andere kleinschalige logies volgens u moeten deelnemen aan gelijkaardige initiatieven?
Ik vind dat logies een duidelijke verantwoordelijkheid hebben voor duurzaamheid, omdat onze activiteiten een ecologische voetafdruk achterlaten via onder andere energiegebruik. Het is belangrijk deze voetafdruk zo laag mogelijk te houden en gasten daarbij te betrekken.
Welk advies zou u geven aan logies die duurzamer willen werken maar niet goed weten waar te beginnen?
Ik geef het advies dat logiesverstrekkers niet moeten denken dat duurzaam werken altijd duur is. Ik raad aan:
- Kleine stappen te zetten. “Alle kleine dingen samen maken heel veel verschil.”
- Best practices van collega-logies te bekijken.
- Ecolabels of certificaten te gebruiken als hulpmiddel, omdat ze duidelijke criteria en ondersteuning bieden.
- Advies te vragen bij ervaren organisaties, bijvoorbeeld via rondleidingen of overleg met duurzaamheidscoördinatoren zoals ikzelf.












